Artiesten

Nederlandse zangers uit de jaren 60 en 70: namen die je moet kennen

Van Boudewijn de Groot tot Rob de Nijs: de jaren 60 en 70 leverden Nederlandse zangers op die nog altijd op de radio en in de Top 2000 te horen zijn.

Iemand bladert door een bak met oude lp's

Wie aan oude Nederlandse zangers denkt, denkt vaak eerst aan het levenslied. Maar de jaren 60 en 70 waren veel breder dan dat. Het was de tijd waarin het Nederlandse lied volwassen werd: er kwamen protestliedjes, chansons, kleinkunst en de eerste Nederlandstalige popsongs. Veel van die nummers worden nog altijd gedraaid. Hieronder een aantal namen die je moet kennen als je van Nederlandstalige muziek houdt.

Boudewijn de Groot

Boudewijn de Groot is misschien wel de bekendste Nederlandse zanger uit deze periode. Samen met tekstschrijver Lennaert Nijgh maakte hij in de jaren 60 liedjes die je nog altijd hoort, zoals "Welterusten mijnheer de president" en "Het land van Maas en Waal". Later volgde "Avond", dat in de Top 2000 van NPO Radio 2 jarenlang hoog genoteerd stond. Zijn liedjes laten zien dat je in het Nederlands net zo goed poëtisch en eigentijds kunt zingen als in het Engels.

Ramses Shaffy en Liesbeth List

Ramses Shaffy was een echte podiumpersoonlijkheid, met een grote stem en een nog groter charisma. Nummers als "Laat me" en "Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder" zijn klassiekers geworden. Samen met Liesbeth List zong hij "Pastorale", een duet dat veel mensen nog woord voor woord kunnen meezingen. Liesbeth List zelf werd bekend als vertolker van chansons, vaak vertaald uit het Frans.

Wim Sonneveld

Wim Sonneveld was vooral cabaretier, maar zijn liedjes horen in elk overzicht thuis. "Het dorp", een Nederlandse bewerking van een Frans chanson, gaat over een dorp dat verdwijnt onder de moderne tijd. Het is een van de meest geliefde Nederlandstalige liedjes ooit. Niet voor niets is de belangrijkste Nederlandse prijs voor jonge kleinkunstenaars naar hem vernoemd.

Het levenslied: Johnny Jordaan en Willy Alberti

Het levenslied bleef in deze jaren enorm populair, vooral in Amsterdam. Johnny Jordaan zong over zijn stad in nummers als "Geef mij maar Amsterdam" en "Bij ons in de Jordaan". Willy Alberti had ook in het buitenland succes, onder meer met het Italiaanse "Marina". Later zou zijn dochter Willeke Alberti in zijn voetsporen treden. Zij maakten van het levenslied iets wat in elke kroeg en op elk feest werd meegezongen.

Rob de Nijs

Rob de Nijs begon in de jaren 60 als zanger van een beatgroep en groeide uit tot een van de populairste Nederlandse zangers. Met "Het werd zomer" uit 1973 had hij een nummer dat nog elke zomer opnieuw opduikt. Zijn lange carrière laat zien hoe de Nederlandstalige popmuziek zich langzaam ontwikkelde van schlagers naar volwassen popliedjes.

Lenny Kuhr en Herman van Veen

In 1969 won Lenny Kuhr het Eurovisie Songfestival met "De troubadour". Dat jaar waren er vier winnaars tegelijk, maar het blijft een bijzonder moment voor het Nederlandse lied. Herman van Veen begon in dezelfde periode met zijn theatervoorstellingen, waarin liedjes, verhalen en humor door elkaar lopen. Hij zou later ook buiten Nederland een groot publiek vinden.

Waarom deze zangers blijven

Wat al deze artiesten gemeen hebben, is dat de tekst centraal staat. Je verstaat elk woord en dat maakt de liedjes persoonlijk. Daarom zingen ook mensen die in de jaren 60 en 70 nog niet geboren waren ze gewoon mee. Op de pagina over Nederlandstalige muziek lees je hoe het daarna verderging met de Nederpop van de jaren 80 en de meezingers van de jaren 90.